Oct 15, 2019

De herrijzenis van het substituerend vorderingsrecht

Arresten GwH 10 oktober ’19 (nr. 129/2019 en nr. 131/2019): “De herrijzenis van het substituerend vorderingsrecht”

Het “substituerend vorderingsrecht” is het recht om in rechte op te treden namens respectievelijk de gemeente of de provincie wanneer deze besturen nalaten dat zelf te doen. Dit recht werd echter gekruisigd door de wetgever, eerst op gemeentelijk niveau en vervolgens ook provinciaal.

Hoewel de mogelijkheid om namens de gemeente of provincie in rechte op te treden voorwaardelijk was, was zij in vele gevallen de enige weg voor particulieren om het rechterlijk toezicht op onwettige handelingen te activeren. In 1993 kreeg dit vorderingsrecht een hernieuwde belangstelling, met name na de invoering van de milieustakingsvordering (bij Wet van 12 januari 1993). Op basis van deze wet konden particulieren namens gemeentes en provincies een vordering tot staking instellen ter bescherming van het leefmilieu of ter voorkoming van een ernstige dreiging voor het leefmilieu. De regeling omtrent de milieustakingsvordering, samen gelezen met een substituerend vorderingsrecht, komt erop neer dat een inwoner een vordering tot staking namens de gemeente of provincie kan instellen waarbij het belang van deze inwoner wordt vermoed.

Het “veelvuldig gebruik” van de milieustakingsvordering zorgt er volgens het Grondwettelijk Hof voor dat het wegnemen van deze mogelijkheid voor de burger een problematiek oplevert die onder het toepassingsgebied van het grondwettelijk recht op de bescherming van een gezond leefmilieu (artikel 23, derde lid, 4° Grondwet) valt. Bijgevolg moet deze problematiek getoetst worden aan artikel 23 Grondwet en de daaruit voortvloeiende “standstill-verplichting”, die eraan in de weg staat dat de wetgever het bestaande beschermingsniveau in de wetgeving terugschroeft zonder geldige redenen van algemeen belang. Het Hof oordeelde in de twee aangehaalde arresten dat het opheffen van het substituerend vorderingsrecht weldegelijk een vermindering van het bestaand beschermingsniveau inhoudt, en vernietigt bijgevolg de regelgeving waarbij vermeld vorderingsrecht werd geschrapt. Bijgevolg herleeft het substituerend vorderingsrecht op zowel gemeentelijk als op provinciaal niveau.

Hebt u hierbij vragen? Raadpleeg dan de leden van onze vakgroep Bestuurs- en Omgevingsrecht

Recent nieuws

Gerelateerde berichten



























03.06.2019
Infodag Omgevingshandhaving 2020
Handhaving is geen doel op zich, maar wel het sluitstuk van elk beleid. Het is een onderdeel van een totaalvisie van het gewenste leefklimaat voor inwoners. Meer…













































































18.07.2018
Zomercursus Enviro+
Bent u als milieucoördinator nog niet voldoende vertrouwd met de nieuwe regelgeving voor handhaving ruimtelijke ordening? Meer…





























22.12.2017
GRUP Uplace vernietigd
In een arrest van 22 december 2017 gaat de Raad van State opnieuw over tot vernietiging van het GRUP waarbinnen o.a. het Uplace-project ligt. GSJ advocaten trad op voor een van de verzoekende partijen. Het arrest is hieronder terug te vinden. Meer…





04.05.2016
Studiedag Stakingsbevel – 18 mei 2016, Berchem – ALM
Op 18 mei 2016 zal mr. Jo Van Lommel een update geven omtrent het stedenbouwkundig stakingsbevel. Aan de hand van recente rechtspraak zal worden stilgestaan bij dit instrument en bij de voor- en nadelen ervan. Ook de bewuste (volgens sommigen omstreden) Ministeriële omzendbrieven RO/2014/03 en RO/2015/01 komen aan bod.
Meer…


03.05.2016
Pief poef paf grondwettelijk hof schiet vlaamse regering terug naar af

Op 23 april 2014 heeft de Vlaamse Regering de instandhoudingsdoelstellingen (IHD) voor de Europese habitatrichtlijngebieden en de ermee overlappende vogelrichtlijngebieden vastgelegd. Die doelstellingen worden het nieuwe toetsingskader voor de passende beoordeling bij een vergunningsaanvraag. Met andere woorden: de definitief vastgestelde instandhoudingsdoelstellingen zijn het ijkpunt in het kader van de passende beoordeling bij hervergunningen of uitbreidingen.

Meer…





24.02.2016
Zaakverdelingsreglementen van de rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen

Op 22 februari 2016 verscheen in het Belgisch Staatsblad het Koninklijk Besluit van 16 februari 2016 tot vaststelling van het zaakverdelingsreglement van de rechtbank van eerste aanleg Antwerpen en tot wijziging van het koninklijk besluit van 14 maart 2014 betreffende de verdeling van de arbeidshoven, de rechtbanken van eerste aanleg, de arbeidsrechtbanken, de rechtbanken van koophandel en de politierechtbanken in afdelingen.

Meer…

















13.12.2015
Stakingsbevel: een stand van zaken
Op 11 december 2015 geeft mr. Jo Van Lommel in de voormiddag een uiteenzetting omtrent één van de meest efficiënte handhavingsinstrumenten inzake stedenbouw.
Meer…